Het sublieme is voor mij niet zozeer iets groots of overweldigends. Het is eerder een ervaring waarin betekenis ontstaat zonder zich volledig vast te leggen.
Er lijkt iets aanwezig. Iets wat ons raakt. Iets wat ons uitnodigt om verder te kijken. Maar telkens wanneer we het proberen te benoemen, glipt het opnieuw weg.
Misschien is dat ook waarom verwondering zo belangrijk is. Verwondering ontstaat niet wanneer we niets begrijpen. Ze ontstaat wanneer we voelen dat er meer aanwezig is dan wat we begrijpen. Er ontbreekt iets. Maar juist door dat ontbreken verschijnt iets wezenlijks.
Een goed schilderij toont daarom niet alles. Het laat ruimte voor wat zich niet volledig laat vastleggen. Niet uit vaagheid, maar omdat sommige ervaringen hun kracht verliezen zodra ze volledig worden verklaard.
Het essentiële verschijnt soms juist in wat ontbreekt. In de stilte tussen twee woorden. In een spoor dat nergens lijkt te eindigen. In een beeld dat betekenis oproept zonder die betekenis definitief vast te leggen.
Misschien is dat wat mij interesseert in schilderkunst. Niet het afbeelden van de werkelijkheid. Maar het zichtbaar maken van een aanwezigheid die zich nooit volledig laat vangen.