Misschien omdat het belangrijkste zich niet altijd laat benoemen.
We proberen de wereld te begrijpen via woorden, beelden en begrippen. We geven dingen een naam zodat we ze kunnen herkennen en plaatsen. Toch blijven sommige ervaringen zich aan die beweging onttrekken. Ze raken ons. Maar we weten niet precies waarom. Ze lijken betekenis te dragen zonder dat die betekenis volledig zichtbaar wordt.
Misschien verlangen we daarom naar het onnoembare. Niet omdat het verborgen is, maar omdat het ons aanspreekt. Alsof iets ons een hand reikt van voorbij onze vertrouwde kaders.
Dat kan gebeuren in een ontmoeting met een ander mens. In een landschap. In een herinnering. In een kunstwerk. Er verschijnt iets dat we herkennen zonder het volledig te begrijpen. Dat is geen tekort. Misschien is het juist een vorm van rijkdom.
De filosoof Emmanuel Levinas schreef dat een mens nooit volledig samenvalt met het beeld dat we van hem maken. Er blijft altijd iets dat zich onttrekt aan onze begrippen. Misschien geldt dat niet alleen voor andere mensen. Misschien geldt het ook voor onszelf.
We verlangen naar het onnoembare omdat het ons eraan herinnert dat we meer zijn dan de rollen, definities en categorieën waarin we onszelf proberen onder te brengen.
In mijn schilderijen zoek ik vaak naar die plek. Niet naar een afbeelding die iets verklaart, maar naar een ruimte waarin iets kan verschijnen zonder volledig zichtbaar te worden. Tussen sporen, ruis en fragmenten probeer ik een vorm van aanwezigheid voelbaar te maken. Geen identiteit. Geen boodschap. Eerder een kwetsbaarheid. Een spoor van iets dat zich niet laat vastleggen.
Misschien verlangen we daarom naar wat we niet kunnen benoemen. Niet omdat we antwoorden zoeken. Maar omdat we voelen dat er altijd iets wezenlijks ontsnapt aan wat we al weten.